praag.co.za

‘De Johannesburgziekte’

Written by

in

Nadat hij door vijf zwarte mannen in een park in Johannesburg is overvallen, worstelt journalist Fred de Vries met slapeloze nachten en heftige hartkloppingen.

Volgens zijn huisarts lijdt hij aan de ‘Johannesburgziekte’. „De angst voor de lugubere zwarte man die zijn deel komt opeisen zit hier diep verankerd in het onderbewuste. Hij is als een long, zet uit en krimpt in, maar raakt nooit helemaal leeg.”

Het liep tegen zonsondergang. Om af te koelen van het joggen, liepen we nog een rondje om de plas. Twee zwarte jongens passeerden ons op een stil, door bomen beschut stukje. Wij groetten hen. Zij draaiden zich om. Een van hen haalde een pistool tevoorschijn. Ik keek achterom. Daar stonden nog drie jongens, van wie er een dreigend een mes omhooghield. „Beursie!”, schreeuwden ze. „Selfoon!” Handen betastten ons. „We hebben niks! We waren aan het joggen!”, schreeuwde ik zo hard ik kon, in de hoop dat de mensen met honden in de verte het zouden horen. Uiteindelijk draaiden de vijf zich om. „Sharp, bye”, zei de aanvoerder, alsof het een toevallige ontmoeting betrof.

In eerste instantie was ik koel onder het voorval. Shit happens. Je bent nu eenmaal in Zuid-Afrika, waar volgens de statistieken zes procent van de bevolking direct te maken krijgt met gewelddadige misdaad. In Johannesburg ligt dat cijfer vele malen hoger. Een steekproef onder studenten van de Universiteit van Witwatersrand wees uit dat maar liefst zeventig procent van de ondervraagden direct of indirect slachtoffer was geweest van zware misdaad.

Wij waren er ongeschonden vanaf gekomen. Niks kwijt, niet verkracht, niet mishandeld. Toch belden we de politie, al was het maar om het gevaar in het park te melden. De twee agenten die aan de deur kwamen vroegen: „Wat wilt u eigenlijk dat we doen? U bent niks kwijt en niet mishandeld.”

Maar ik was wel iets kwijt: mijn gevoel van veiligheid, mijn zelfvertrouwen en mijn vertrouwen in ‘de ander’.

De ‘Johannesburgziekte’ noemde de dokter het toen ik haar vertelde over mijn hypergespannen nachten en hartkloppingen op onverwachte momenten. „Het is post-traumatische stress”, zei ze, waarna ze me slaappillen en antidepressiva voorschreef.

Een overval is een aanranding. Het is een aanval op je intiemste ik. Woede, verontwaardiging en onmacht wisselen elkaar af. Waarom ik? Wat als? Heel even zie je je eigen dood. Het is jij, je vriendin en vijf gewapende aanvallers. Verder niets. Honderden gedachten schieten door je hoofd. Waar kan ik heen? Moet ik schreeuwen? Waar is hulp? Waarom voelen ze in mijn kruis? Waarom betasten ze haar borsten? Als ze haar maar niet de bosjes insleuren.

Dan is het voorbij. Het incident wordt het ijkpunt waaraan je alles gaat afmeten. Al het nieuws krijgt een andere tint: werkloosheidscijfers, wapenbezit, misdaadstatistieken, economische prognoses, een minister die zegt dat de ‘klagers en zeurders over criminaliteit’ maar moeten emigreren. Plotseling kun je tijdens etentjes meepraten over hoe het voelt om een wapen onder je neus te krijgen. Ineens hoor je jezelf dingen zeggen als: „Het wordt nooit wat met dit land.” Je betrapt jezelf op racistische gedachten.

Ook het dagelijks leven verandert. Je kunt niet langer onbekommerd genieten. Het is onmogelijk om zorgeloos te gaan en staan waar je wilt. Altijd kijken of er bewakers rondlopen. Constant speuren naar tekenen van onheil. Niemand vertrouwen.

Je begint codes te herkennen, kledingstukken, gezichtsuitdrukkingen, houdingen. Als er vijf zwarte jongens met lepe petjes en hun handen in de zakken een winkel binnenkomen, sta je op scherp en herbeleef je dat gevoel van totale machteloosheid.

Om beter te begrijpen wat er met me is gebeurd, spreek ik een aantal psychologen dat onderzoek heeft gedaan naar trauma.

Als het incident lang heeft geduurd kan het door zijn onwerkelijkheid de vorm van een droom aannemen. Het lichaam blijft een tijdlang in een staat van opwinding, hetgeen zich vertaalt in waakzaamheid en schrikreacties. Als die toestand te lang voortduurt raakt het lichaam uitgeput.

De symptomen van die verlengde stress variëren per persoon, afhankelijk van eerdere ervaringen. Als ze na een week of vier nog voortduren, is er sprake van Post Traumatische Stress Disorder, oftewel de ‘Johannesburgziekte’.

Lees die hele stuk hier.

Данильченео

Comments

Leave a Reply